Een kathedraal zonder muren
Je kunt in dit kunstwerk gaan staan zonder een deur te openen. Er zijn geen gesloten buitenwanden en de regen wordt niet door een dak tegengehouden. Toch roept de ordening van de bomen een gebouw op. Dat is de eerste verrassing: architectuur herken je niet alleen aan steen, maar ook aan verhoudingen en de plek van verticale elementen. Een ruimte kan als kerk aanvoelen terwijl zij uit levende stammen en open lucht bestaat.
De plattegrond kwam uit Reims
Boezem gebruikte de plattegrond van de gotische kathedraal in Reims. Volgens Land Art Flevoland werden daarvoor in 1987 178 populieren geplant. De bomen namen de plaats van zuilen in. Het ontwerp was dus niet zomaar een rij bomen met een plechtige naam. De verwijzing zit in een concreet ruimtelijk schema dat op een andere schaal en met een ander materiaal opnieuw leesbaar wordt gemaakt.
Tijd werd een bouwmateriaal
Een stenen gebouw kan bij oplevering ongeveer zijn bedoelde hoogte hebben. Een bomenkathedraal moet groeien. Daardoor was wachten geen vertraging buiten het kunstwerk, maar juist deel van de uitvoering. Ook seizoenen veranderen wat je ziet: blad, schaduw en de zichtbaarheid van takken beïnvloeden de ruimte. Het werk is niet op ieder moment hetzelfde, terwijl de ordening van de bomen wel de herkenbare basis blijft.
Zelfs de vloer verwijst verder
Betonnen paden verwijzen naar de ribben van kruisgewelven, terwijl schelpen rondom de stammen herinneren aan de voormalige zee. Zo werkt het kunstwerk tegelijk omhoog en omlaag. Je kijkt naar bomen die een gotisch gebouw oproepen en naar een bodem die iets over de Flevolandse ontstaansgeschiedenis zegt. Die koppeling maakt het meer dan een grappige groene kopie van een beroemd bouwwerk elders.
Er is ook een omgekeerde versie
Naast de bomenkathedraal werd een contrakathedraal gemaakt: de vorm is daar uitgespaard in begroeiing. Waar in het ene werk stammen de ruimte afbakenen, werkt de andere versie met een leegte. Het is een aardige manier om hetzelfde idee twee keer te bekijken. Niet alleen wat aanwezig is, maar ook wat ontbreekt kan een ruimtelijke vorm herkenbaar maken. De bezoeker moet zijn blik daarvoor net even anders instellen.
Kijk eens door het gebouw heen
Loop op de toegankelijke paden en bekijk de bomen van verschillende kanten. De ene keer zie je vooral een bosachtige verzameling stammen, de andere keer wordt de plattegrond helder. Dat verschil is precies de plezierige verwarring van de plek. Een jonge polder kreeg een verwijzing naar eeuwenoude bouwkunst, maar de bouwers hoefden geen gewelven te sluiten. Ze plantten het plan en lieten de hoogte langzaam vanzelf ontstaan.
KIJK HET ZELF NA
De bronnen bij dit verhaal
Met hulp van AI samengesteld en aan de genoemde bronnen getoetst. Wie zit achter deze uitgave? Een fout gezien? Laat het ons weten.




