Water als uitweg

De vaart werd in 1641 aangelegd voor het turftransport. Voor die ontwikkeling waren Noorder en Zuider Dragten kleine boerengehuchten. Het afgraven en verkopen van turf trok mensen en bedrijvigheid aan. Langs het water ontstond een levendiger plaats.

Een kanaal was daarvoor meer dan een geul. Het was een verbinding met afnemers buiten het gebied. Wat uit de bodem kwam, kon per schip worden afgevoerd. Zonder die afvoer was turfwinning op grote schaal veel lastiger geweest.

Ook de schepen kwamen uit Drachten

Het Skûtsjecentrum beschrijft hoe skûtsjes turf, terpaarde en landbouwproducten via de Wijde Ee vervoerden. Het water verbond Drachten met de rest van Friesland en verder weg. Op verschillende Drachtster werven werden zulke schepen ook gebouwd.

Bij Buitenstvallaat zit die geschiedenis zelfs in de naam. Een verlaat is een schutsluis. De naam verwijst dus naar een plek waar de doorgang over het water werd geregeld. Scheepsbouw, vervoer en plaatsnamen wijzen hier dezelfde kant op.

Kijk nog eens naar het Moleneind

Een aquarel van Jan Planting uit 1932 laat de vaart aan het Moleneind zien. Het museumproject Kunst naar Buiten zet die oude voorstelling naast de herkenbare omgeving. Sommige gebouwen zijn veranderd, andere details zijn nog te herkennen.

Dat maakt een oude afbeelding leuker dan alleen een plaatje van vroeger. Je kunt ermee zoeken welke lijnen in de plaats zijn gebleven. Het water herinnert eraan dat Drachten niet alleen groter werd doordat er huizen bijkwamen. Eerst kwam er een route waarlangs mensen hun product konden verkopen.

KIJK HET ZELF NA

De bronnen bij dit verhaal

Met hulp van AI samengesteld en aan de genoemde bronnen getoetst. Wie zit achter deze uitgave? Een fout gezien? Laat het ons weten.