Vijftien centimeter, over de hele route
De Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden organiseert de tocht sinds 1909 en heeft meer dan 32.000 leden. Op haar website staat de kernvoorwaarde helder: over de hele route moet minimaal 15 centimeter ijs liggen. Pas dan kan de tocht doorgaan.
Waarom zo dik? Op het ijs komen niet een paar schaatsers, maar duizenden tegelijk, met daarbij nog toeschouwers, begeleiders en materiaal op sommige plekken. IJs dat een wandelaar prima draagt, is dan niet genoeg. De eis is bedoeld om een ruime veiligheidsmarge te hebben voor een evenement van die omvang.
De zwakste plek beslist
Het lastige zit in het woord overal. Een ijslaag is nooit overal even dik. Volgens de scheidende voorzitter Wiebe Wieling lag er in een koude periode in het noorden van de route 25 centimeter, terwijl het in het zuiden maar 7 centimeter was. Gemiddeld klinkt dat goed, maar één stuk van 7 centimeter is genoeg om de hele tocht onmogelijk te maken.
Diep water koelt bovendien langzamer af dan een ondiepe sloot. Wieling noemt het ook bij Hart van Nederland: diep water zoals op de Elfstedenroute moet eerst goed afkoelen. Op plekken waar water stroomt, onder bruggen, bij sluizen of waar het ijs veel wordt belast, blijft het vaak langer dun. Daarom meten rayonhoofden en vrijwilligers langs de hele route, en niet alleen op een paar mooie stukken.
Dat ijs überhaupt een dragende laag boven op het water vormt, komt doordat ijs lichter is dan water. Het groeit van bovenaf naar beneden aan, centimeter voor centimeter, zolang de vorst aanhoudt.
Vijftien keer in ruim een eeuw
Sinds 1909 is de Elfstedentocht vijftien keer verreden: in 1909, 1912, 1917, 1929, 1933, 1940, 1941, 1942, 1947, 1954, 1956, 1963, 1985, 1986 en 1997. De laatste tocht was op 4 januari 1997. Opvallend is dat de tochten soms in clusters kwamen, zoals in de oorlogswinters 1940 tot en met 1942, en soms tientallen jaren uitbleven, zoals tussen 1963 en 1985.
De tocht van 1956 was er een uit de koudste maand die het KNMI ooit in De Bilt mat. Op 14 februari kon de tocht worden verreden, volgens het KNMI op hobbelig ijs en met sneeuwbuien.
Wordt de kans kleiner?
Ja. Meteorologen en de vereniging zelf zien de kans door de opwarming van het klimaat afnemen. Bij Hart van Nederland zegt een weerman dat er rond 1950 nog ongeveer eens per vier jaar een kans op een Elfstedentocht was, en dat die kans sindsdien flink is gekrompen, al is hij niet helemaal verdwenen. Wieling stopte na twintig jaar als voorzitter zonder ooit "It giet oan!" te hebben mogen zeggen.
De vereniging blijft zich wel voorbereiden. Volgens Hart van Nederland is er zelfs een app met actuele ijsdiktes langs de route, zodat iedereen kan zien hoe het ervoor staat.
Als het toch gaat vriezen
Als de vorst invalt, valt Friesland in de spanning. Elke centimeter wordt gevolgd. Wie in de tussentijd naar het noorden gaat, kan de route alvast verkennen. De tocht start en finisht in Leeuwarden, waar de scheve Oldehove op de schaatsers neerkijkt. En in Dokkum staat een fontein die zelf ijs maakt, voor wie niet op een strenge winter wil wachten.
KIJK HET ZELF NA
De bronnen bij dit verhaal
- Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden: over de vereniging en de ijseis ↗
- Hart van Nederland: scheidend voorzitter over ijsdikte en klimaat ↗
- KNMI: koudste maand ooit en de tocht van 1956 ↗
Met hulp van AI samengesteld en aan de genoemde bronnen getoetst. Wie zit achter deze uitgave? Een fout gezien? Laat het ons weten.




